In de week van 21 november was Dennis Meadows te gast in België, op initiatief van de Club of Rome EU Chapter in partnerschap met Oikos en Argus. Professor Meadows is één van de auteurs van het rapport ‘Grenzen aan de groei’ dat in 1972 wetenschappelijk aantoonde dat de economie niet kan blijven groeien omdat de planeet nu eenmaal niet groeit. Na veertig jaar maakt hij de balans van hoe de planeet er voor staat, wat de ‘grenzen aan de groei’ voor de economie betekenen, en wat vandaag de nieuwe uitdagingen zijn. Eén ding is duidelijk: de Club van Rome richt een appel aan Flora (1) !
Geen durf tot verandering
De centrale boodschap van professor Meadows is dat sinds 1972, toen het eerste rapport aan de Club van Rome werd gepubliceerd, de economie onverminderd is blijven doen alsof de planeet groeit. Hij maakte dat duidelijk aan de hand van het verbruik van aardolie gedurende de laatste decennia. Wat vandaag per jaar aan olie verbruikt wordt, overtreft vele malen wat er op jaarbasis gevonden wordt. De politieke wil om het roer radicaal om te gooien en meer realistische economische praktijken te ontwikkelen, ontbreekt echter. Oplossingen die op lange termijn tot een nieuw evenwicht kunnen leiden, zullen op korte termijn ongetwijfeld inspanningen vergen. Het tijdsperspectief van politici loopt echter maar tot aan de volgende verkiezingen, en dus durven ze geen moeilijke boodschappen brengen uit angst door de kiezers te worden afgestraft. En dus blijven ze maar oplossingen voorstellen die de indruk wekken dat er niets aan de hand is en dat de crisis bijna overwonnen is, maar ten gronde verandert er niets.Van technische naar sociale innovatie
Er wordt vandaag veel over ‘groene economie’ gesproken. De boodschap lijkt te zijn dat als er maar technisch nieuwe oplossingen gevonden worden, zuinige en schone technieken of nieuwe materialen, de economie rustig verder kan bollen. Meadows waarschuwde tegen deze valse hoop: dit soort technologische vernieuwingen dragen er juist toe bij dat het einde van het groeiscenario alsmaar wordt uitgesteld. Wat we nodig hebben, zo argumenteerde hij, zijn geen technische maar sociale vernieuwingen. Om dat duidelijk te maken, stelde hij het volgende schema voor. De consumptie van olie in een land of regio wordt bepaald door:het aantal inwoners - 1 - vermenigvuldigd met het aantal energieverbruikende bezittingen per inwoner - 2 - vermenigvuldigd met de hoeveelheid energie die per bezitting nodig is - 3 - vermenigvuldigd met het aandeel van die benodigde energie dat uit olie komt - 4 -.
De twee laatste elementen hebben met technologie te maken. Door efficiëntere toestellen of beter geïsoleerde woningen te maken, daalt de hoeveelheid benodigde energie - 3. Door alternatieve energiebronnen te ontwikkelen, zoals wind- en zonne-energie, daalt het aandeel van olie dat voor die producten nodig is - 4. Welnu, aldus Meadows, technologische innovaties zullen nooit volstaan om het olieverbruik zodanig te verminderen dat het in evenwicht is met wat er op jaarbasis nog aan voorraden wordt gevonden. Daar komt bij dat de grote oliereserves uitgeput raken, en dat de olievoorraden die men vandaag nog vindt, kleiner en minder zuiver zijn en – wegens hun ligging - moeilijker bereikbaar. De investeringen die oliemaatschappijen moeten doen om dezelfde opbrengst te genereren, zijn dus steeds groter; en voor de consument betekent dit dat de prijzen zeker niet meer zullen dalen.
Om het tij te keren, schieten dus alleen de eerste twee punten als haalbare pistes over, en die hebben niet met technologische maar met sociale veranderingen te maken. Het aantal mensen in een samenleving - 1 - hangt af van zaken als vruchtbaarheid en migratie. Dit zijn sociologische fenomenen die slechts langzaam evolueren en die ook maar heel indirect te beïnvloeden zijn. Wat rest is dus het aantal energieverbruikende bezittingen per persoon - 2. Cultuur en levensstijl hebben hierop een immense invloed, en de grootste uitdaging op dit moment is volgens Meadows dan om daar iets aan te veranderen.
Van sociale en ecologische duurzaamheid
In het maatschappelijk debat over duurzaamheid stond de ecologische invalshoek tot nu toe steeds voorop. De aandacht ging dan ook vooral naar ‘technologische’ oplossingen, zoals hernieuwbare energie, schone mobiliteit, passieve woningen… Sociale duurzaamheid kwam ook wel ter sprake, maar dan hoofdzakelijk ingevuld vanuit de ongelijkheid tussen Noord en Zuid. Maar als je die mondiale ongelijkheid wil oplossen door ons model van ‘ontwikkeling’ in het Zuiden te gaan promoten, wordt het probleem natuurlijk nog erger. Immers, het aantal inwoners - 1 - met energieverbruikende bezittingen - 2 - neemt dan alleen maar toe ! Flora is steeds blijven beklemtonen dat het de socio-economische verhoudingen in het Noorden zijn die de sleutel vormen tot een meer duurzame samenleving. De sociale innovaties waar Meadows naar vraagt, vormen al altijd het onderwerp van de actieonderzoeken die we met onze partners opzetten. Dat de dominantie van de productieve arbeid over andere vormen van arbeid (zoals zorg voor de toekomstige generaties, maar ook voor het sociaal weefsel en het welzijn van mensen) de kern van de huidige maatschappelijke crisis vormen, dat hebben kansarme vrouwen ons reeds lang duidelijk gemaakt. Wie je bent, wordt vandaag afgelezen aan wat je hebt. Om erbij te horen, moet je produceren en consumeren. Om uit de armoede te geraken, zo zegt men ons, moeten de armen eerst geld verdienen, en daarvoor moeten ze zich inschakelen op de arbeidsmarkt. Productieve arbeid wordt voorgesteld als de sleutel tot persoonlijk welzijn en sociale samenhang. En dus moet iedereen maar produceren en consumeren, en moet de economie maar blijven groeien om iedereen jobs te geven zodat de koopkracht intact blijft. Het is precies die enge definitie van arbeid die voor ecologische problemen zorgt. Machtsmechanismen maken bovendien dat de invulling die (laaggeschoolde) vrouwen aan arbeid geven, niet erkend wordt en telkens opnieuw aan de logica van de monetaire, op privéwinst gerichte economie ondergeschikt wordt gemaakt.Sociale innovatie als sleutel tot duurzaamheid: de core business van Flora
De boodschap van Dennis Meadows betekent natuurlijk een geweldige steun voor het werk van Flora. Hij daagt ons uit om in de lange termijnvisie te blijven geloven en investeren, ook al verwachten politici vaak dat organisaties in het middenveld zich invoegen in hun beleid dat slechts één legislatuur als tijdshorizon heeft. We zijn dankbaar voor de erkenning die Flora van de Club of Rome EU Chapter krijgt. Hopen maar dat ook de politici begrijpen waarom de expertise die Flora ontwikkelt van belang is, niet alleen voor kansarme vrouwen, maar voor de toekomst van de hele samenleving.(1) Flora werd dit jaar gevraagd om lid te worden van Club of Rome EU Chapter, de Belgische afdeling van de Club van Rome die de Europese instellingen bij haar werking betrekt.